• Aardappelsaladespekjes

  • Schwarzwalder-kirsch1

  • Linzenschotel-venkelzaad

  • Tonijnsalade1

Afbeelding-rechts1

Mini-appeltaartjes: brosse kaneelbodempjes met karamelappeltjes en slagroom

Dit is onze favoriete appeltaart!

Toegegeven: hij is een beetje klein van formaat. Maar dat hoeft geen ramp te zijn. Bij ons krijg je gewoon altijd drie appeltaarten per persoon bij de thee!

Wat er zo lekker is aan onze mini-appeltaartjes?

Om te beginnen heeft elk taartje een heerlijk bros bodempje geperfectioneerd met een vleugje kaneel. Daarop komt een appelvulling waarin je een heel palet aan extra smaken proeft: karamel, verse vanille, kardemom, kaneel, rum. En natuurlijk is een appeltaart geen appeltaart zonder een lekkere toef slagroom!

Maak deze appeltaartjes één keer en je bent verkocht. En je familie en vrienden ook. Je bent gewaarschuwd….


Mini-appeltaartjes: brosse kaneelbodempjes met karamelappeltjes en een toefje slagroom
  • High tea Mini-appeltaartjes: brosse kaneelbodempjes met karamelappeltjes en een toefje slagroom
    Mini-appeltaartjes: brosse kaneelbodempjes met karamelappeltjes en een toefje slagroom

    Mini-appeltaartjes: brosse kaneelbodempjes met karamelappeltjes en een toefje slagroom

    Ingrediënten

    Voor ±40 stuks:

    Voor de bodempjes:

    • 200 gram zelfrijzend bakmeel
    • 100 gram gele basterdsuiker
    • 1 theelepel kaneel
    • een mespuntje zout
    • 125 gram koude roomboter
    • ½ ei, losgeklopt in een kopje
    • een beetje zachte boter voor het invetten van de bakplaat
    • een beetje bloem voor het bestuiven van het werkvlak

    Voor de appelvulling:

    • 12 appels van minimaal 4 verschillende appelrassen (zoet, fris-zuur, moesappels, handappels)
    • 50 gram roomboter
    • 150 gram gele basterdsuiker
    • 2 vanillestokjes
    • 5 eetlepels bruine rum
    • 1 à 2 eetlepels citroensap (afhankelijk van de zuurgraad van de appels)
    • een mespuntje gemalen kardemom
    • een mespuntje gemalen kaneel

    Voor de garnering:

    • ¼ liter slagroom
    • poedersuiker naar smaak

    Bereidingswijze

    1. Begin met het maken van het deeg voor de bodempjes. Vermeng daartoe in een kom of in de foodprocessor het zelfrijzend bakmeel, de gele basterdsuiker, de kaneel en het zout.
    2. Snijd de boter in kleine stukjes.
    3. Voeg de boter en het ei toe aan het bloemmengsel.
    4. Vermeng het geheel (met de pulsknop van de foodprocessor of met kleine kneepjes van de vingers) totdat het deeg net samenhang vertoont. Kneed vooral niet te lang door, want dan worden de bodempjes straks te compact en niet lekker bros.
    5. Vorm een vrij platte schijf van het deeg en leg deze een halfuur afgedekt in de koelkast om op te stijven.
    6. Verwarm de (bij voorkeur conventionele) oven voor tot 155°C. Vet een bakplaat in met boter. Strooi wat bloem op het werkvlak. Rol het deeg met een deegroller dun uit. Steek kleine rondjes met een doorsnede van ±5 cm uit het deeg en leg de deegplakjes op de bakplaat. Leg ze niet te dicht bij elkaar. Ga ervan uit dat je meerdere porties moet bakken. Je kunt het deeg dat over is nog een keer opnieuw uitrollen, maar weer geldt het advies: kneed het niet te veel.
    7. Plaats de bakplaat iets boven het midden in de oven. Bak de bodempjes in een kleine 20 minuten gaar. Ze mogen daarbij niet bruin worden. Draai de oven halverwege eventueel wat lager als de bodempjes toch gaan kleuren.
    8. Neem de bakplaat uit de oven en leg de dan nog niet helemaal krokante bodempjes op een rooster. Tijdens het afkoelen worden ze pas lekker bros.
    9. Tijdens het opstijven van het deeg voor de bodempjes kun je beginnen met het maken van de appelvulling. Schil de appels en verwijder de klokhuizen. Snijd de appels grof in blokjes. Smelt de boter in een pan met dikke bodem. Voeg de suiker toe en laat het geheel heel licht karamelliseren.
    10. Voeg de appelstukjes toe. Schep het geheel goed om. De suiker zal in eerste instantie hard worden door de koude appels. Langzaam maar zeker zal hij echter oplossen in de appelvulling.
    11. Snijd de vanillestokjes in de lengterichting open en schraap met een mes het merg eruit.
    12. Voeg de vanille, de leeggeschraapte vanillestokjes, de rum, het citroensap, de kardemom en de kaneel toe aan de appels.
    13. Draai het vuur hoog en laat de appels onder af en toe omscheppen gaar worden. Uiteindelijk zal het vocht grotendeels verdampt zijn. Een deel van de appelstukjes is tot moes gekookt, andere hebben nog een ‘bite’. Proef en voeg eventueel nog een beetje citroensap toe.
    14. Laat de appelvulling afgedekt afkoelen in de koelkast.
    15. Klop de slagroom stijf met een hoeveelheid poedersuiker naar smaak.
    16. Maak de appeltaartjes pas af vlak voor het serveren; dan smaken ze het lekkerst. Schep daartoe op elk bodempje enkele theelepels appelvulling. Druk de vulling een beetje plat. Doe de slagroom over in een spuitzak en spuit op elk mini-appeltaartje een toefje slagroom.

    Tips:

    1. Koop voor de vulling minimaal 4 totaal verschillende appelrassen. Alleen een mengsel van moesappels, handappels, zoete en fris-zure appels geeft de juiste structuur en de lekkerste smaak aan de appelvulling. Wij gebruikten de laatste keer Granny Smith, jonagold, elstar en goudrenet.
    2. In een goed afgesloten trommel kun je de bodempjes minimaal een week bewaren. Serveer eventueel overgebleven bodempjes als koekjes.
    3. De appelvulling kun je een dag voor het serveren van de mini-appeltaartjes al maken. Bewaar hem afgedekt in de koelkast.
    4. Deze mini-appeltaartjes zijn heerlijk als zoet gerechtje bij een high tea. Serveer ze ook eens als dessert (eventueel met een bolletje kaneelijs).


    Klik hier voor nog meer Menu op Maat TopTips!